Herken jij deze signalen?
Herken jij een van deze kenmerken bij jouw kind?
01Moeite hebben met zwemles
Leren zwemmen is moeilijk en al helemaal als jouw TLR (Tonische Labyrint Reflex) nog actief is. Bij zwemles moet jouw kind zijn bovenlijf iets anders laten doen dan zijn onderlijf.
Bij de TLR speelt het hoofd een grote rol.
- Als het hoofd van een baby voorover of naar beneden beweegt, buigen armen en benen door de verminderde spierspanning.
- Als het hoofd achterover beweegt, of omhoog kijkt, zal de spierspanning toenemen en dus zullen de armen en benen strekken.
Tijdens zwemles lukt het zwemmen met een plankje goed, maar als jouw kind zijn armen erbij moet gebruiken gaat het mis. Jouw kind zwemt als een dobbertje; het hoofd is boven water maar zijn lijf “hangt” naar beneden.
Is de TLR nog actief, dan zullen de armen en benen strekken of buigen, als de positie van het hoofd verandert. Dan wordt het best lastig om te zwemmen en om te duiken, dan moet je hoofd naar voren namelijk.
Na 12 maanden zou de TLR geïntegreerd moeten zijn. Gebeurt dit niet dan zullen er problemen kunnen ontstaan met het evenwicht. Maar ook zal het inschatten van ruimte, afstand, diepte en snelheid lastig zijn.
Kinderen die moeite hebben met het onder controle krijgen van deze reflexen, kunnen hierdoor ook problemen ondervinden met schoolprestaties. Concentratie, leren lezen, fijne motoriek (zoals schrijven) en het vermogen om rustig te blijven tijdens de les, slechte zithouding en onhandigheid kunnen allemaal beïnvloed worden door de TLR.
Dit maakt dat lopen en zwemmen heel lastig kunnen zijn voor jouw kind.
02Emotionele buien/ driftbuien
Waarschijnlijk staat het lijf van jouw kind in stress. Mogelijk sinds de geboorte, of zelfs al tijdens de zwangerschap.
De hele dag komen er prikkels bij: horen, zien, ruiken, proeven en voelen. Die prikkels wil jouw lijf verwerken, maar dat gaat zo moeilijk als er al stress in het lijf is. De enige oplossing van jouw lijf is dan een driftbui.
En achteraf weten of voelen deze kindjes wel dat het eigenlijk de oplossing niet is. Maar ze kunnen niet anders.
Vermoedelijk is het Moro-reflex nog niet goed ontwikkeld bij jouw zoon of dochter.
De Moro-reflex zorgt ervoor dat je je veilig voelt in je lijf.
De Moro ontwikkeld de basis voor het gevoel van veiligheid. Daarom is het zeer belangrijk dat de baby tot 2-3 maanden voldoende momenten heeft om zich vast te klampen en te worden omarmd. Dat helpt als jij jouw kind veel knuffelt, wiegt en kalmeert.
Door de Moro leert het lijf een volwassen vlucht- of vechtreactie te ontwikkelen.
Als je ergens van schrikt (geluid, geur, lichtflits) scan je de ruimte om je heen. Blijkt er niets aan de hand te zijn, ontspan je en ga je verder waar je mee bezig was. Jouw lijf heeft geleerd om echt gevaar te herkennen.
Blijft de Moro actief, dus niet goed ontwikkeld, is het lastig voor het lijf om het gevaar te herkennen: wat is veilig en wat is niet veilig. Daardoor ben je altijd alert, het lijf is gespannen en klaar om te reageren.
Eigenlijk is jouw lijf steeds TE alert en reageert op alles. Maar dat kost wel een hoop energie.
Daarbij kom je dus ook andere uitdagingen tegen:
- slechte balans
- slechte spijsvertering
- moeite met slapen
- slechte controle over impulsen
- astma
- oncontroleerbare drang naar suiker
- constant bevestiging nodig
- zeer angstig
- houdt niet van veranderingen.
03Heeft moeite met slapen
Het kan te maken hebben met een gevoel van veiligheid van je lijf. Als je je niet veilig voelt, levert dat (onbewust) stress in het lijf op. Komen daar ook nog extra prikkels bij dan wordt de stress groter. Het wordt dan ook lastig voor jouw kind om in slaap te vallen. Om in slaap te kunnen vallen moet het lijf namelijk kunnen ontspannen.
Het kan ook zijn dat jouw kind wel in slaap valt, maar vaak midden in de nacht wakker wordt en dan niet meer makkelijk in slaap valt.
Dat gevoel van veilig zijn in je eigen lijf zorgt er voor dat je beter kunt ontspannen. En dat je dus makkelijker kunt inslapen en doorslapen.
Bij ongeveer 5 weken in de baarmoeder begint dit reflex te werken. De Fear Paralyze Reflex (FPR) start als een bevries reactie, dat kan zijn op een aanraking, maar kan ook een reactie zijn op een hard geluid. Ook fysieke, psychologische of emotionele stress van de moeder kan zorgen voor reactie van dit reflex.
Als alleen de FPR actief is dan trekken we ons terug en sluiten de wereld buiten, we “bevriezen” als het ware.
Voor het lijf is het belangrijk om te weten wanneer je moet bevriezen, zodat je kan overleven. Daarnaast moet ons lichaam ook veel bewegen. Dat kan alleen als we ons veilig voelen. Als dat niet zo is, komen wij niet in beweging.
Vandaar dat je dan ook geen nieuwe dingen durft uit te proberen, je mening niet durft te geven, je bang bent om iets verkeerd te doen, bang voor verlating bent.
Dit zijn allemaal tekenen dat jouw lijf zich niet veilig voelt. En dat jouw FPR zich nog niet goed ontwikkeld heeft.
04Moeite met concentratie e/o stilzitten
We hebben allemaal rugreflexen die geactiveerd moeten worden bij de bevalling. Deze reflexen zorgen er bij de baby voor dat hij van links naar rechts kan bewegen. Het creëert ook stabiliteit in de onderrug en leert om de rug van voor naar achteren te bewegen.
Eigenlijk zorgt de rugreflex er als eerste voor dat de baby door het geboortekanaal naar buiten komt. Hij “wurmt” zich zo letterlijk naar buiten. Is jouw kind geboren met een keizersnee, met hulp van een vacuümpomp of verlostang? Duurde de bevalling erg lang of ging die juist erg snel? Dit kan er allemaal voor gezorgd hebben dat het rugreflex niet optimaal gestart is en dus moeilijkheden heeft met ontwikkelen.
Rond 9 maanden moet dit reflex ontwikkeld zijn en uitdoven.
Lukt dat niet, dan kan jouw kind daar last van hebben. Doordat het reflex elke keer geactiveerd wordt als er kleding overheen strijkt, er iemand achter je langsloopt of je geluiden achter je hoort reageert jouw lijf en moet je bewegen. Deze beweging gaat sneller dan je kunt nadenken. Vandaar dat het je ook overkomt.
Het reflex kan zorgen voor een stijfheid in de rug, maar er zijn meer punten die opvallend zijn. Jouw kind zit niet graag tegen een rugleuning, heeft last van strakke broeken of labels van shirts in z’n nek, gedraagt zich hyperactief, kan slecht gesproken opdrachten uitvoeren. Als maar 1 kant ontwikkeld kan er een scoliose in de rug ontstaan. Ook mank lopen kan een gevolg zijn van een niet goed ontwikkelde rugreflex.
10Moeite met zindelijk worden
Dan is waarschijnlijk de rugreflex nog niet goed ontwikkeld.
Deze reflexen zorgen bij de baby ervoor dat hij van links naar rechts kan bewegen. Het creëert ook stabiliteit in de onderrug en leert om de rug van voor naar achteren te bewegen. Eigenlijk zorgt de rugreflex er als eerste voor dat de baby door het geboortekanaal naar buiten komt. Hij “wurmt” zich zo letterlijk naar buiten.
Rond 9 maanden moet dit reflex ontwikkeld zijn en uitdoven. Lukt dat niet, dan kan jouw kind daar last van hebben.
De kleinste aanraking op de onderrug is al voldoende om hem/haar in de broek te laten plassen, ook terwijl jouw kind slaapt.
Natuurlijk is het ook enorm vervelend voor jouw kind, dat hij/zij telkens een natte broek heeft. Of zelfs in z’n broek poept.
Wat je vaak ook ziet bij dit reflex:
- friemelen en wiebelen
- slechte concentratie
- hyperactief gedrag
- zenuwachtige rusteloosheid
- slecht vertelde opdrachten kan uitvoeren
- kan slecht tegen kietelen. Dit kan zelfs pijn doen.
- labels uit kleding knippen
- houdt niet van strakke broeken
06Verminderde spraak
07Moeite met lezen, schrijven en/of spelling
08Moeite met balans
09Impulsief
10Verlegenheid / faalangstig
10Komt angstig over
10Moeite om met anderen te spelen
10Moeite om zichzelf te beschermen
Bekijk hieronder de aanpaken tarieven
30 minuten
Voordat je met jouw kind bij mij in de praktijk komt, stuur ik eerst een vragenlijst. Deze vul je vooraf in.
60 - 90 minuten
Tijdens de eerste afspraak voer ik een screening uit waar ik veel informatie uithaal. Welke reflexen zijn nog actief?
60 minuten
Een behandeling zal ongeveer een uur duren en vindt 1x per 3-4 weken plaats. Je krijgt oefeningen mee voor thuis.
